De werking van liefde en haat

Naar aanleiding van de onderzoeken van Masaru Emoto naar de invloed van menselijke begrippen en gevoelens op bijvoorbeeld water, vond ik op het internet een eenvoudig uit te voeren proef. Echter als je je realiseert wat er gebeurt heeft dat grote implicaties.

Je neemt twee kleine glazen potjes en doet in beide een eetlepel kleffe gekookte rijst. Op de ene pot plak je het woord LIEFDE en je zegt elke dag zo intens mogelijk: “Wat een heerlijke, verrukkelijke rijst ben jij. Ik hou van je. Ik heb je lief.”
Op de andere pot plak je het woord HAAT. En zegt elke dag daartegen: “Wat ben jij een afschuwelijke, akelige, smerige rijst. Ik haat je.”

liefdehaat-1

Begin op 30 augustus 2014

Drie weken lang zag ik in beide potjes geen verschil. Maar na drie weken begon de rijst in het Haatpotje te beschimmelen en te bederven. Er kwamen donkere / grijzige gedeelten in en een groot deel verkleurde oranje bruinachtig. Terwijl de rijst in het Liefdespotje er goed uit bleef zien, afgezien van een miniem oranje vlekje.

20 september 2014 de rijst in pot van de haat begint te bederven.

liefdehaat-2

Op 1 oktober ziet het er zo uit:

liefdehaat-3

En op 6 oktober zo (rijst in de liefdespot blijft gelijk, in de haat pot begint steeds verder te beschimmelen):

liefdehaat-4

Waarom zou rijst/materie zich in haar chemische omzettingsprocessen iets gelegen laten liggen aan wat er zich in mijn bewustzijn afspeelt? Je zou denken dat het materie volkomen onverschillig zou moeten laten wat er zich in mijn innerlijk afspeelt. Maar toch is dat blijkbaar niet het geval.

En het is schokkend om je er rekenschap van te geven welke invloed je gevoelens en gedachten dus zelfs op puur fysieke processen hebben. Wat zijn de gevolgen hiervan voor kwetsbaarder structuren en organismen? Wat zijn de gevolgen voor jou?
Dit schept verantwoordelijkheid voor alles wat je voelt en denkt. Want jouw bewustzijn (ver)vormt de werkelijkheid om je heen. Niet alleen de mensen en omstandigheden, maar tot in de materie. Met liefdevolle aandacht verbeter / heel je de wereld. Of je maakt hem kapot.

Enkele vragen:

  • Creëer ik/ geef ik met mijn bewustzijn vorm aan mijn fysieke hersenprocessen of omgekeerd?
  • Creëert /vormt mijn unieke DNA structuur mij of ik die structuur?
  • Waarmee zijn onze fysieke hersenprocessen, DNA in wisselwerking?
  • Moeten wij hieruit concluderen dat het bewustzijn / de geest bestaat als een onafhankelijk van fysieke structuren existerend gegeven?

Iedereen die tegenover deze proef sceptisch staat – zoals ik aanvankelijk ook – nodig ik van harte uit om hem te herhalen.

Het lijkt me bijvoorbeeld zeer wenselijk dat in het kader van sociale bewustwording en leren samenwerken zulke proeven ook op scholen uitgevoerd worden.

Het is mij er in de eerste plaats niet om te doen om enig wetenschappelijk bewijs te leveren. Meneer Emoto met zijn waterkristallisaties was de aanleiding voor mij om een you tube filmpje te bekijken van het rijstexperiment. Het was eenvoudig uit te voeren en het resultaat verbluffend. Dat zette me ertoe het zelf te proberen. Voor mij toont het resultaat -de rijst in het potje liefde blijft 30 dagen goed, terwijl de rijst in het haat potje beschimmelt, net als in het youtube filmpje (met de de opmerking dat daar sneller ging)– dat je innerlijke houding werkzaam is tot in de materiele processen om je heen. Ik wil dat niet zozeer echt gaan bewijzen als gebruiken voor innerlijke scholing.

Het experiment maakt voor mij zichtbaar en beleefbaar wat Steiner als 3e randvoorwaarde noemt voor zo’n innerlijke scholing in De weg tot inzicht in hogere werelden:
“En hiermee hangt de derde voorwaarde voor geestelijke scholing direct samen. De leerling moet zich tot de zienswijze kunnen opwerken dat zijn gedachten en gevoelens evenzeer van betekenis zijn voor de wereld als zijn handelingen. Onderkend moet worden dat het even verderfelijk is wanneer ik een medemens haat als wanneer ik hem sla. Dan kom ik tot het inzicht dat ik niet alleen iets voor mijzelf doe wanneer ik aan mijn innerlijke ontwikkeling werk, maar ook voor de wereld.
De wereld heeft evenveel baat bij mijn zuivere gevoelens en gedachten als bij mijn goed gedrag. Zolang ik niet kan geloven aan de wereldomspannende betekenis van mijn innerlijk, zolang deug ik niet voor het leerlingschap. Pas dan ben ik vervuld van het juiste geloof aan de betekenis van mijn innerlijk, van mijn ziel, wanneer ik aan dit zielengebied werk alsof het minstens even werkelijk is als al het uiterlijke. Ik moet erkennen dat mijn gevoel evengoed een werking heeft als wat mijn hand doet.”

Daar ligt voor mij de waarde ervan.

Albert Roessingh